Voor telers die vooruit kijken

Biologie en Applaud houden wolluis beheersbaar

Wim van der Meer: ‘Effectieve bestrijding begint met hygiëne en scouten’
318 0
Biologie en Applaud houden wolluis beheersbaar

In tal van sierteeltgewassen vormt wolluis een van de lastigste plagen. Wanneer het zich eenmaal heeft gevestigd, kom je er zelden volledig van af, leert de ervaring. Met gerichte hygiënemaatregelen, zorgvuldig scouten en alert ingrijpen heeft phalaenopsiskwekerij BS Plants uit Waddinxveen de plaag desondanks onder controle gekregen.

“Wolluis – in ons geval de langstaart wolluis – vormt vooral een probleem in de afkweek van phalaenopsis”, zegt teler Erik-Jan Sonneveld. “Zodra de knoppen loskomen, zie je de beestjes verschijnen. In de eerdere teeltfasen zien we nauwelijks volwassen luis in de planten, al moeten ze er wel degelijk zijn.”
Gewasbeschermingsadviseur Wim van der Meer van Horticoop en particulier adviseur Piet Koning ondersteunen Sonneveld bij de gewasbescherming. Voormalig teler Koning leidt het scouten en voert proeven uit om de strategie te optimaliseren. Mede daardoor is de wolluisdruk bij BS Plants de afgelopen jaren gestaag afgenomen.

Hygiëneplan

“Een effectieve bestrijding van wolluis begint met een goede bedrijfshygiëne en goed scouten”, zegt Van der Meer. “Alleen dan kun je de interne verspreiding beperken en snel reageren op haardjes. Twee jaar geleden is daarvoor een hygiëneplan opgesteld.”
Koning: “Alle interne fust behandelen we met een superuitvloeier die de waslaag van wolluizen aantast. Je ziet de luizen binnen een aantal dagen verkleuren en uiteindelijk gaan ze kapot. De rolcontainers voor de opkweek behandelen we ook op die manier. Dat gebeurt van onderaf.
Zodra er in de afkweekfase dikke knoppen verschijnen, zet Sonneveld wekelijks larven van Cryptolaemus (lieveheersbeestjes) uit tegen wolluis.

Proeven

Binnenkort hoopt de teler ook Applaud een vaste plaats te kunnen geven. “Piet heeft verschillende middelen getest en Applaud komt steeds als beste naar voren”, licht Sonneveld toe. “Op basis daarvan hebben we besloten om het middel een plaats te geven in het schema, rekening houdend met de gebruiksvoorschriften, de biologie en de logistiek binnen het bedrijf.”
“Voor de proeven gebruik ik rassen die relatief gevoelig zijn voor knopbeschadiging of knopval, zodat je eventuele schade snel signaleert”, legt de adviseur uit. “In de proefvakken zetten we planten met wolluis, die zich een aantal weken ongestoord mogen ontwikkelen. Daarna pas ik met een kleine hogedrukspuit op ieder vak een specifiek middel toe volgens het gebruiksadvies en volgen we de effecten.”

Zacht voor biologie

Van andere middelen tegen wolluis kreeg de biologie vaak een tik of was het bestrijdingsresultaat onvoldoende, aldus Koning. “Applaud werkt het beste en het laat de biologische bestrijders met rust. Wij vinden het een goede aanvulling op de biologie.”
Van der Meer is erg gecharmeerd van het middel. “Het grijpt in op de vervelling in alle stadia, waardoor er geen volwassen luizen bijkomen en de populatie snel uitdunt”, zegt hij. “Het is wel belangrijk om de hygiëne en biologische bestrijding goed op orde te houden, want je mag het middel maar twee keer per jaar inzetten. Door de brede aanpak en nette werkwijze is dat op dit bedrijf geen onoverkomelijke beperking.”

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd