Voor telers die vooruit kijken

‘Drenthe loopt in meerdere opzichten voor met Kom in de Kas’

Regiovoorzitter Cees Ruhé:
105 0
‘Drenthe loopt in meerdere opzichten voor met Kom in de Kas’

Het tuinbouwgebied rond Emmen spant de kroon als het om publiekstrekker Kom in de Kas gaat. De Drentse telers waren in 1976 de eersten die hun kassen openzetten. Op 6 en 7 april zijn bezoekers voor de 43e keer weer een heel weekend welkom om een kijkje te nemen achter het glas van de kas. Dit jaar in het tuinbouwgebied Klazienaveen. “We lopen hier een jaar voor”, lacht Cees Ruhé, “want de officiële landelijke editie van Kom in de Kas wordt dit jaar voor de 42e keer georganiseerd.”

Het organiserende promotieteam, met Cees Ruhé als voorzitter en contactpersoon, is al in oktober begonnen met de voorbereidingen voor het grote publieksevenement. In dat eerste overleg kozen de leden om Kom in de Kas dit jaar op te hangen aan het thema ‘Water’, omdat de organisatie wil laten zien dat de tuinbouw zich hard inspant voor de kwaliteit van het oppervlakte-, grond- en rioolwater.

Met dit thema vaart de regio zijn eigen koers, want het landelijke thema is ‘Werelds’, maar dat hadden ze in Drenthe vorig jaar al behandeld. Ruhé: “Door de nieuwe lozingswet en de kaderrichtlijn water is emissieloos telen een algemeen doel in de glastuinbouw. Veruit de meeste bedrijven in ons gebied hebben meegedaan aan het programma DuurSaam Glashelder, waarin waterschap, gemeentes en het tuinbouwbedrijfsleven samenwerken aan schoon water. Ze hebben een bedrijfswaterscan laten uitvoeren, om helder te krijgen welke verbeterpunten in de bedrijfsvoering nodig zijn om te kunnen stoppen met lozen op het oppervlaktewater. Wij vinden het belangrijk om dit aan de bezoekers te vertellen, want schoon water gaat ons allemaal aan.”

Voor de officiële opening is daarom een bestuurder van het Waterschap Hunze en Aa’s uitgenodigd.

Emissieloos telen

Op de tien deelnemende bedrijven krijgen de bezoekers te zien en te horen welke maatregelen zijn genomen om dit te bereiken. Op een grote overzichtstentoonstelling op de proeftuin BCK komt een complete beschrijving van het belang van water voor de tuinbouw: de waterstromen op een bedrijf, waterbesparende maatregelen, recirculatie- en zuiveringstechnieken. Ook de verplichtingen en de regelgeving rondom het gebruik van water en de rol van waterschap en gemeentes worden toegelicht. Om het concreet te maken, is er een opstelling van een waterstroom, waarin al die maatregelen te zien zijn om van vervuild water naar schoon water te komen.

“Onze boodschap is om te laten zien dat de tuinbouw er alles aan doet om emissieloos te telen, dat het nog niet zo simpel is en dat het veel inspanning vraagt van ondernemers om dat voor elkaar te krijgen. Ik hoop dat ze waardering krijgen voor de manier waarop wij in Nederland groenten en bloemen produceren.”

Ook wordt een stukje geschiedenis geschetst. De waterhuishouding op een bedrijf heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. “Begin jaren vijftig werd oppervlaktewater gebruikt voor de watergift en om de groenten te wassen. Met de overstap naar container- en substraatteelt werden hogere eisen gesteld aan de kwaliteit van het gietwater. En toen druppelsystemen hun intrede deden, werden de eisen nog weer hoger. Telers stapten af van oppervlaktewater en gingen over naar een gietwatersysteem”, schetst Ruhé.

Studenten

De tentoonstelling is de eindopdracht van de derdejaars van de opleiding Bloem en Styling van het Zonecollege in Zwolle. “In het kader van kennisuitwisseling tussen het bedrijfsleven en het onderwijs hebben we zes jaar geleden als regiocomité de samenwerking met deze school opgezocht. Sindsdien zijn zij een belangrijke partner in de organisatie van Kom in de Kas in onze regio”, vertelt de regiovoorzitter.

De studenten zijn verantwoordelijk voor de aankleding van de tentoonstelling en bedenken de openingshandeling. In de week vóór het evenement hebben de leerlingen coördinerende taken bij de opbouw van de tentoonstelling en sturen ze eerste en tweedejaarsstudenten aan tijdens de werkzaamheden.

Open houding

In het tuinbouwgebied Emmen heerst een open cultuur, meent Ruhé, een vanzelfsprekendheid die misschien wel kenmerkend is voor dit gebied. “We hebben een goede verstandhouding met de omgeving. De mensen hier zijn tuinbouwminded; veel families zijn al generaties lang verbonden met de sector. Er is hier ruimte om te ondernemen en de mensen staan ons ook ruimte toe. Daarom is het leuk om twee keer per jaar onze bedrijven open te zetten en iedereen een kijkje te gunnen. In het voorjaar voor Kom in de Kas en in het najaar voor Kunst in de Kas. We vinden het belangrijk om de dialoog op te zoeken. Het geeft ons de gelegenheid om tekst en uitleg te geven en dat leidt vaak tot begrip.”

Een van de vragen die regelmatig wordt gesteld, heeft te maken met het licht boven de kassen. In het weidse open landschap valt dat extra op. “Dan leggen we uit waarom licht nodig is voor de groei van het gewas en dat we verplicht zijn in de voornacht de hoeveelheid straling met 98% terug te brengen. Die resterende 2%, die de hemel nog steeds oplicht, wordt na die uitleg beter geaccepteerd.”

Schaalvergroting en hygiëne

Kom in de Kas vindt in Drenthe afwisselend plaats in Klazienaveen en Erica, ook om de belasting voor de bedrijven behapbaar te houden. Dit jaar is het de beurt aan Klazienaveen. Ruhé merkt dat het moeilijker wordt om bedrijven te vinden die meedoen. Enerzijds vanwege schaalvergroting – het teruglopende aantal ondernemingen – anderzijds vanwege de risico’s op besmetting van ziekten en plagen. “Voor een komkommerteler is het niet meer zo vanzelfsprekend om zomaar mensen toe te laten als die eerder al bij een collega-bedrijf zijn binnen geweest. Dat is dan ook de reden dat nu één komkommerbedrijf meedoet.”

Behalve van de komkommerteelt krijgen de bezoekers dit jaar een flits mee van de teelt van asparagus, roos, perkgoed, paprika, tomaat en hortensia. Er is een fietsroute langs de tien bedrijven en via een spotje op de lokale radiozender, advertenties en aankondigingen in huis-aan-huisbladen wordt reclame gemaakt. Het regiobestuur verwacht zo’n 9.000 belangstellenden, net als voorgaande jaren.

Betekenisvol

Dat het evenement al meer dan veertig jaar standhoudt, geeft aan dat de sector betekenisvol is, blijvend wat te vertellen heeft, springlevend is, in ontwikkeling, actueel en interessant is. Ruhé: “We doen ertoe! We produceren voedsel – dat is van alle tijden – en we produceren bloemen en planten, dat is welbevinden.”

Gezien de positieve reacties van consumenten, de sector zelf, van toeleveranciers en van de overheid, gelooft hij in een toekomst voor Kom in de Kas. Met een weekend als dit is bij ons 12.000 euro gemoeid. “Financiële steun vanuit de landelijke organisatie is noodzakelijk. Daarnaast kloppen we elk jaar met succes aan bij het lokale bedrijfsleven: toeleveranciers, transportbedrijven, uitzendbureaus en andere tuinbouwgerelateerde bedrijven. Het geld is bestemd voor promotiematerialen, attributen voor de tentoonstelling, koffie bij de opening en een afsluitingsfeestje voor alle vrijwilligers, als dank voor hun inzet.”

Samenvatting

Tien tuinbouwbedrijven in Klazienaveen zetten in het weekend van 6 en 7 april de deuren open voor het grote publiek. De ondernemers spannen zich in om emissieloos te telen en werken daarin samen met waterschap en gemeente. Dat is de reden dat Kom in de Kas dit jaar in Drenthe het thema ‘Water’ heeft gekregen. Het is het 43e jaar dat dit evenement hier wordt georganiseerd. Het is nog altijd populair en brengt ieder jaar duizenden mensen op de been.

Tekst en beeld: Suzan Crooijmans.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd