Voor telers die vooruit kijken

Focus op oplossingen voor duurzaam en functioneel plastic

Oerlemans gastheer excursie Glastuinbouw Nederland
355 0
Focus op oplossingen voor duurzaam en functioneel plastic

Plastic, het lijkt vandaag de dag bijna een ‘besmet’ product voor kritische burgers, terwijl de consument – maar zeker ook de glastuinbouw – het gemak en de toegevoegde waarde omarmt. Een dilemma doemt op, want niemand is blij met de aanblik van de plastic soep op de oceaan, terwijl soep in plastic duurzamer wordt verpakt dan in blik. Ook de verpakkingsindustrie schrijft duurzaamheid inmiddels met hoofdletters; communicatie is waar het nu vooral om draait.

Ook dit jaar brengt een groep actieve leden van telersorganisatie Glastuinbouw Nederland, voorafgaand aan de eerste beursdag van HortiContact in Gorinchem, een bezoek aan een interessant bedrijf in de omgeving. Na Chiquita, Plus Supermarkt, HAK en Jumbo is op dinsdag 19 februari nu Oerlemans Plastics uit Genderen gastheer. Het bedrijf heeft een belangrijke connectie met de glastuinbouw, niet alleen vanwege tal van consumentenverpakkingen voor onder andere groente en fruit, maar vooral door de diverse folies die onmisbaar zijn in moderne kassen over de hele wereld.

Meerwaarde

Aan tafel zitten exportmanager Henri van Hemert en Rob Verhagen, directeur Sustainability. Laatstgenoemde is nu ruim een half jaar in dienst met als taak om externe trends op gebied van duurzaamheid te vertalen naar een interne strategie. Een even complexe als dankbare opdracht, zo ervaart Verhagen, die buiten de bedrijfsmuren vooral moet opboksen tegen vooroordelen en aannames waarbij de nuance vaak ontbreekt.

“Burgers hebben bijvoorbeeld kritiek op de grote lappen plastic folie op de aardbeienvelden in Brabant. Wat ze niet weten is dat het hier een afbreekbare biofolie betreft. En wat ze helemaal niet beseffen is dat door het gebruik van deze folie heel veel wordt bespaard: minder wassen, dus minder water, langere houdbaarheid, dus minder uitval en minder gewasbescherming. Natuurlijk werken wij als bedrijf mee aan minder gebruik en verbruik van plastic, maar de meerwaarde ervan – ook voor het milieu – moeten we niet uit het oog verliezen”, stelt Verhagen.

Club van 100

Van Hemert vult aan dat kleine stappen een groot verschil kunnen maken. “De folies zijn tegenwoordig op lengte verkrijgbaar, zodat er geen grote stukken worden weggegooid. Verschuiving van de dikte – van 100 naar 50 micron – is eveneens een belangrijke vorm van reduceren. Een doorbraak is uiteraard de toepassing van biofolies, waarmee we in de grondgebonden bloementeelt een aanvullende markt hebben opgebouwd.”

Nieuwe toepassingen zijn vaak het directe gevolg van vragen van telers die zoeken naar een oplossing voor een specifiek probleem. “Niet voor niets zijn we lid van de Club van 100 van Wageningen University & Research. We willen graag meedenken en input leveren aan wetenschappelijk tuinbouwonderzoek, dat moet leiden tot een duurzame sector en een krachtige boodschap richting politiek. Daarin nemen we zeker onze verantwoordelijkheid”, zegt Verhagen.

Close loops

Hij benadrukt het grote, mondiale plaatje voor de komende decennia: “We moeten op termijn 10 miljard mensen zien te voeden, maar de realiteit is dat nu nog 40 tot 45% van alle geteelde groente en fruit al vóór consumptie wordt weggegooid. Dat vereist aanpassingen in de teelt, in de rassenkeuze, in opslag en distributie. Mooie, slimme verpakkingen spelen daar een essentiële rol in.”

De krimpfolie om de komkommer is wellicht een van de meest bediscussieerde verpakkingen op het gebied van voeding. Van Hemert noemt het een uitdaging om te blijven vertellen wat daarvan de meerwaarde is. “Want die is er uiteraard wel degelijk.” Verhagen noemt het een wonderlijk fenomeen dat hierover regelmatig ‘gedoe’ is, terwijl diezelfde consument op grote schaal gesneden groenten koopt, in een plastic verpakking en tegen een aanzienlijke meerprijs. “Stoplicht paprika, nog zo’n mooi voorbeeld. Ja die zitten in een flowpack, maar daardoor kan een teler wel zijn ondermaatse paprika’s op een goede manier vermarkten.”

Dat neemt volgens beide heren niet weg dat alles op gebied van verpakkingen valt of staat met de ‘end of life’. “Hergebruik is essentieel; wij kijken – samen met klanten – heel veel naar ‘close loops’ systemen”, zo verwoordt Verhagen. Van Hemert vult aan dat dit tevens geldt voor het eigen productieafval. “Dat is tegenwoordig een reststroom voor nieuw, hoogwaardig materiaal.”

One issue

Bedrijven als Oerlemans moeten voortdurend opereren langs de grillige scheidslijn tussen emotie en ratio van burger en consument. “Een burger die de plastic soep een belangrijk politiek dossier vindt, maar die in de supermarkt geen meerprijs wil betalen voor een duurzame oplossing. En de producten in de winkel moeten wel een mooie uitstraling hebben, een lange houdbaarheid en productinformatie vinden ze ook belangrijk; kortom ze willen graag een verpakt product”, vat de duurzaamheidsmanager samen.

Hij heeft zichzelf ten doel gesteld om het rationele en emotionele te verbinden. “Wij zijn verantwoordelijk voor de productie van duurzame verpakkingen, daarna moeten we nadrukkelijk communiceren over de meerwaarde en de voordelen die plastic heeft in de brede keten van veredeling tot consument.” Dat betekent ongetwijfeld een pittige strijd met lobbyorganisaties. “Vaak zijn dat ‘one issue’ partijen en organisaties, hetgeen het lastig maakt om gericht te reageren. Maar met onze afspraken op gebied van recyclen durf ik de CO2-discussie met elke organisatie aan.”

Uitdaging

Aansluitend werpt Verhagen nog een andere, consument gerelateerde vraag op: hoe komen we in de detailhandel af van verpakkingen van gecombineerd materiaal? Als voorbeeld noemt hij de papieren broodzak met plastic venster. “Dat is gewoon erg lastig om te recyclen, terwijl de consument daar een goed gevoel bij heeft: papier voor het duurzame gevoel, plastic voor zicht op het product. Dergelijke ‘wicked problems’ zijn de grootste uitdaging voor de komende jaren.”

Recycling is voor de duurzame glastuinder uiteraard een onderwerp dat dagelijks aan belang wint. Hij heeft immers nogal wat folies in zijn kas liggen: van loopfolie en CO2-slangen tot anticondens- en gotenfolie. Van Hemert oppert tot slot dat hij graag met enkele telers een business case start voor duurzame alternatieven voor bijvoorbeeld de vele touwtjes en clipjes die in de hogedraad teelten worden gebruikt. “Want ook daar is nog de nodige winst te boeken, in aanvulling op de vele folies voor de glastuinbouw. In het verleden werkten we vooral plantgericht, dat is stilaan veranderd naar klantgericht.”

Samenvatting

Zowel in het winkelschap als op een gemiddeld glastuinbouwbedrijf is plastic onmisbaar materiaal. Producenten van folies en verpakkingen werken nadrukkelijk aan duurzaamheid: minder verbruik en meer recycling. Anderzijds verdient ook de meerwaarde van plastic een breder podium. Op gebied van hygiëne, houdbaarheid, teeltklimaat en presentatie biedt het immers essentiële voordelen.

Tekst en beeld: Roger Abbenhuijs.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd