Voor telers die vooruit kijken

‘Goede eerste aanzet, maar je moet wel je hele teeltwijze veranderen’

Teeltmanager Jos de Vries over cursus Weerbaar Telen:
101 0
‘Goede eerste aanzet, maar je moet wel je hele teeltwijze veranderen’

Het was een goede eerste aanzet, maar echt aan de slag met het geleerde uit de cursus Weerbaar Telen kan hij nog niet. “Het is niet even een aspirientje erin en het werkt. Je moet je hele manier van telen veranderen”, zegt deelnemer Jos de Vries, teeltverantwoordelijke bij plantenkwekerij Valstar in ’s-Gravenzande, over het nieuwe kennisprogramma.

Hij kijkt naar zijn begonia’s. Ze vormen een kleurig palet in de kas. “Ze verschillen niet alleen in kleur”, zegt Jos de Vries. “Door niet alles meer preventief te spuiten ben ik erachter gekomen dat de ene kleur gevoeliger is dan de ander. Zo komt luis op rood meer voor dan op geel. Voorheen, met preventief spuiten, zag ik die verschillen niet. We laten nu de natuur meer haar gang gaan en richten ons op plaatselijke bestrijding.”

Weerbaar telen heeft al enige tijd de belangstelling van het bedrijf in ’s-Gravenzande. De plantenkwekerij kent een zomer- en een winterteelt. In de winter staan er warme groenteplanten onder glas, zoals tomaat, paprika en aubergine. In de zomer kleuren begonia’s, chrysanten, platycodon en celosia de kas. Het bedrijf heeft in totaal een oppervlakte van 5 ha. “Deze manier van telen is bij ons vooral een item in de potplanten”, legt De Vries uit. “Het hele potje verkopen we, dus het hele product moet kwalitatief goed en schoon zijn. Dat is een uitdaging met de steeds striktere wet- en regelgeving, maar ook onze leveranciers gaan steeds hogere eisen stellen. Daarnaast is er een maatschappelijke ontwikkeling gaande die chemie afwijst. Daar moeten ook wij in mee.”

Anders inrichten

Hij volgde dit voorjaar de cursus Weerbaar Telen, opgezet door LTO Glaskracht Nederland. “Het was een goede cursus, maar het blijkt niet een kwestie te zijn van even een aspirientje erin en klaar”, zegt hij. “Je hele teeltsysteem moet veranderen. Klimaat, bemesting, watergift, alles moet kloppen om de weerbaarheid van je teelt te vergroten.”

En dat is niet zomaar in een dag gedaan, zo is zijn ervaring. “Al voor de cursus was ik begonnen met het toevoegen van een natuurlijke schimmel, waardoor de wortelactiviteit verhoogde en de plant meer mineralen kon opnemen. Het leidde ook tot een sterkere wortelgroei. Toen ik begon dacht ik dat ik het systeem op orde had, maar door dit ingrijpen sloeg de balans om. Door die sterkere wortelgroei vond er meer verdamping plaats, waardoor de begonia’s, die voorheen om de andere dag water kregen, vaker water nodig hadden. Dus ik moest het systeem weer anders inrichten.”

Preventie

Weerbaar telen draait inderdaad om de samenhang tussen al die facetten, beaamt netwerkcoördinator Arthur van den Berg van LTO Glaskracht. “Het is een belangrijk uitgangspunt van Integrated Pest Management, IPM.” Een basisstap, noemt hij het. “De basis is een goede balans in de plant om die plant zodoende te faciliteren om de eigen weerbaarheid op peil te houden.”

Daarbij gaat het onder andere om een goede structuur van de bodem, een goede verhouding lucht-water, een goede balans tussen de verschillende nutriënten, voldoende aanwezigheid van goede schimmels en bacteriën en ander bodemleven – in juiste verhouding – en zo min mogelijke aanwezigheid van ‘verkeerd’ bodemleven. “Als je gewas minder vatbaar is, hoef je minder gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken. En als je ze toch moet gebruiken, werken ze waarschijnlijk beter, omdat je ze minder vaak inzet. Weerbaar telen draait om preventie.”

Lastig inpasbaar

Toch is dat lastig toe te passen in de praktijk. Telers hebben positieve ervaringen, maar het is onduidelijk wat wel en niet werkt én waarom iets wel of niet werkt.
Zo heeft De Vries Trichoderma ingezet om zijn gewas weerbaarder te maken tegen Fusarium. “Je moet echt leren dit toe te passen. Het heeft een grote impact op de vegetatieve en generatieve groei.” Zo leidde het toevoegen van de schimmel in begonia’s tot een bloeiversnelling, maar in de chrysanten tot een bloeivertraging. “Dat soort verschillen maken het lastig dit in je bedrijfssysteem in te passen, om conclusies te trekken en er een waardebepaling aan te geven.”

Andere mindset

Bemesting is een ander punt, waar De Vries mee aan de slag zou willen. “Het is eigenlijk een ondergeschoven kindje. We hebben ons bemestingsschema op orde en het gaat al jarenlang goed. Toch ben ik er na de cursus anders tegenaan gaan kijken. Er zijn nog heel veel alternatieve meststoffen waar we voordelen uit zouden kunnen halen. Maar het is lastig om daarmee te experimenteren in je eentje. Als je kritisch kijkt, en volgens een heel ander principe zou willen bemesten, moet je heel dat schema omgooien. Daar is lef en meer begeleiding bij nodig. Alleen zou ik dat niet durven.”

Hij stelt dan ook voor om na de cursus met de deelnemers een gewasgroep te vormen, zodat ze hun ervaringen kunnen uitwisselen. “Zoals gezegd, wat ik heb geleerd in de cursus is niet direct toepasbaar, maar het was wel een goede eerste aanzet. Het heeft gezorgd voor een andere mindset. Je gaat met andere ogen naar je teelt kijken en bedenken wat je nog meer kunt doen.”

De ledenorganisatie start in het najaar met een nieuwe serie leergroepen, waarover binnenkort meer informatie op de website komt.


‘Het gaat om de complete benadering’

Ze zijn al ruim vijftien jaar bezig met weerbaar telen. Lag de focus toentertijd op een plaag of ziekte met het juiste middel bestrijden, in de loop der jaren is de aandacht verschoven naar: hoe kunnen we deze plaag of ziekte voorkomen? Wat is daarvoor nodig?

“Door deze redenering ga je naar andere dingen kijken”, zegt Wilma Windhorst van Agropoli. Samen met René van Gastel van Groeibalans ontwikkelde ze de cursus Weerbaar Telen. “We kwamen er achter dat we de complete benadering onder de loep moesten nemen. Verbanden leggen. Zo is bemesting geen losstaand iets. Het heeft ook te maken met bodem, klimaat water enzovoort.”

Ze ontwikkelden een cirkeldiagram, waarin elke taartpunt een specifieke bijdrage levert (zie figuur). “Dit laat het samenspel heel goed zien. Als je er een taartpunt uithaalt, klopt het rondje niet meer en loopt het systeem dus spaak. Het cirkeldiagram is per teelt verschillend, want in de ene teelt heeft bijvoorbeeld klimaat een grotere invloed dan in de andere.”

Samenhang

De cursus omvat drie thema’s. De eerste dag gaat over substraten, potgrond, water, kasklimaat en uitgangmateriaal. De tweede cursusdag betreft bemesting en als laatste komen plantversterkers aan bod. “Ik merkte dat de potplantentelers vooral naar de cursus waren gekomen met de verwachting dat het alleen over plantversterkers zou gaan. Zij leerden tijdens de cursus beseffen dat het daar niet alleen om draait. Het gaat om de samenhang. Door alleen dat al beter te snappen, ga je makkelijker werken. Het is geen hogere wiskunde. Als je je teelt goed inricht, heb je niet eens plantversterkers nodig.”


Samenvatting

LTO Glaskracht biedt telers een cursus Weerbaar Telen aan. In theorie klinkt dit mooi, maar het is lastig toepasbaar in de praktijk, is de ervaring van cursusdeelnemer Jos de Vries, teeltverantwoordelijke bij plantenkwekerij Valstar in ’s-Gravenzande. Wat hij heeft geleerd ziet hij als een goede eerste aanzet, maar het is lastig om de juiste balans in de plant te vinden en zo de weerbaarheid te verhogen, want waarom werkt het ene wel en het andere niet?

Tekst en beeld: Marjolein van Woerkom.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd