Voor telers die vooruit kijken

Grootste perspectief lijkt te liggen bij winning uit afvalverbranding

CO2-voorziening van de toekomst vergt creatieve aanpak
119 0
Grootste perspectief lijkt te liggen bij winning uit afvalverbranding

Wil de glastuinbouw ooit van het aardgas afraken, dan moet de toevoer van een ander gas gegarandeerd zijn: CO2. Anders gaat het nooit lukken ‘fossielvrij’ te worden. Er zijn heel diverse mogelijkheden voor de kooldioxide-voorziening in de toekomst. Groot- en kleinschalig, lokaal en nationaal. De opties op een rij.

Overal in het land denken coöperaties en individuele telers na over de energievoorziening van de toekomst. Ze worden geprikkeld door de ‘roadshow’ van Kas als Energiebron, die de mogelijkheden presenteert. “En steeds is de reactie van telers: interessant, maar hoe moet het dan met de CO2? Dat is echt een, of misschien wel dé bottleneck voor verduurzaming van de glastuinbouw. Als we dit niet oplossen, blijven mensen hun WKK of ketel gebruiken voor de CO2-voorziening”, zegt Dennis Medema van Glastuinbouw Nederland.

Met het Actieplan CO2-voorziening werkt hij, samen met zijn collega’s, aan een diversiteit aan mogelijkheden.

1. Minder gebruiken

De behoefte bij een fossielvrije glastuinbouw ligt tussen de 2 en 3 megaton. “Als je dat weet terug te brengen, hoef je ook minder aan te voeren”, zegt Medema. Er zijn drie aanknopingspunten: minder weg laten vliegen door open luchtramen, op het juiste moment de juiste hoeveelheid doseren en een kritische afweging van de kosten van doseren tegen de extra opbrengsten met name in de zomer.

Bij Het Nieuwe Telen hou je bij veel licht vaak ook een hogere temperatuur aan. Daardoor kunnen de ramen meer gesloten blijven. Ook verneveling of koeling helpt hierbij. Dat zouden nog meer telers kunnen toepassen. Voor doseren op rentabiliteit hebben OCAP en Ridder Growing Solutions programma’s om de inzet af te wegen tegen de opbrengst. Dat sluit aan bij proefresultaten van Delphy dat inzet van CO2 op het juiste moment veel bespaart en maar weinig productie kost”, geeft hij aan.

2. Bestaande bronnen houden en uitbreiden

Momenteel levert OCAP jaarlijks 500 kton CO2 aan de tuinbouw, afkomstig van Shell en Alco. “Het eerste punt is om dat te behouden. Voor Shell is deze levering namelijk geen officiële CO2-emissiereductie; ze moeten hiervoor emissierechten kopen. Zij wegen dat dan af tegen opslag in de grond. Daar moet een oplossing voor komen”, zegt Medema.
Robert Jan Pabon, woordvoerder namens OCAP geeft aan dat de huidige levering vrijwel het maximum is, omdat beide bedrijven niet meer CO2 hebben. Ondertussen groeit wel de vraag. “Er zijn aanvullende bronnen nodig om de leveringscapaciteit structureel te verhogen, evenals de leveringszekerheid”, zegt hij.

“Wij zijn bezig met vergroting van het leveringsgebied. Komend najaar hopen we met werkzaamheden voor de uitbreiding richting tuinbouwgebied PrimA4a te beginnen, om in 2020 met de levering te starten”, zegt Pabon.

3. Afval als bron

Dit is een van de meest perspectiefvolle richtingen. Medema: “De afval-energiebedrijven willen alles zoveel mogelijk recyclen. Een grote stroom die ze nog niet hergebruiken, is juist de kooldioxide die door de schoorsteen naar buiten vliegt. Ze hebben dus een eigen motivatie om daar een bestemming voor te vinden en de tuinbouw is een hele goede. Voordeel voor ons is dat ze continu kunnen leveren, dat de verbranders verspreid over het land staan en de CO2 voor tweederde uit biomassa afkomstig is.”

Bij HVC in Alkmaar loopt een kleine pilot, AVR Duiven bouwt momenteel een grotere installatie. Maar in feite zijn alle grote spelers bezig met oriëntatie: Twence, AEB, AVR, Attero en Suez.

“Er zit duidelijk perspectief in en als dit lukt dan gaat het om zodanig grote hoeveelheden dat het probleem daarmee voor een groot deel is op te lossen. Maar de productie is niet helemaal rendabel. Het lijkt erop dat het onrendabele deel relatief gezien niet zo groot is en hopelijk uit de nieuwe SDE++ subsidieregeling kan worden gedekt”, zegt Medema.

Er wordt serieus werk gemaakt van deze optie. Levering aan de glastuinbouw zou mogelijk zijn via het OCAP-netwerk, met vrachtwagens of op termijn met binnenvaartschepen. Die laatste mogelijkheid is nu in onderzoek, waarbij in eerste instantie HVC als laadpunt wordt genomen en tuinbouwgebied Agriport A7 als bestemming.

4. Uit de lucht

Kooldioxide is overal om ons heen, in de buitenlucht. Het stijgende gehalte versterkt het broeikaseffect en wereldwijd wordt gestudeerd op vastleggen van het gas. “Je hoeft dan helemaal niet naar zuivere CO2, maar van 400 ppm (het huidige gehalte in lucht) naar bijvoorbeeld 10.000 ppm. Daar kunnen de glastuinders al goed mee uit de voeten. Er loopt nu een onderzoek door TNO en we zijn als Glastuinbouw Nederland ook in gesprek met het bedrijfsleven”, vertelt hij.

Technisch is het best mogelijk: het Zwitserse Climeworks doet het al. En het Nederlandse Antecy denkt over een pilot bij telers. Probleem zijn nog de kosten: de bedrijven noemen een kostprijs van € 500/ton, terwijl OCAP circa € 60/ton rekent. “Die kostprijs moet nog wel naar beneden worden gebracht, dus dit is iets voor de wat langere termijn.”

5. Lokale biogasbronnen

Geen enkele optie is landelijk dekkend, dus er zullen steeds kleinschalige lokale oplossingen nodig zijn. Bij de productie van biogas in vergisters komt tevens 30-40% CO2 vrij. Op veel plekken zijn er zulke initiatieven, bijvoorbeeld de vergister bij afvalverwerker Meerlanden in Rijsenhout.

6. Vloeibaar uit chemische industrie

Momenteel krijgt de glastuinbouw zo’n 100 kton vloeibare CO2, voornamelijk afkomstig van de kunstmestindustrie. De chemische industrie zou een extra bron kunnen vormen. Dat is dan wel van fossiele oorsprong en dan heb je te maken met emissierechten en bovendien ligt de focus op opslag onder de Noordzee.

7. Zelf doen

Tijdens voorlichtingsavonden blijkt vaak dat telers de zaak liefst in eigen hand houden en niet afhankelijk van derden willen zijn. Enerzijds zijn ze bang voor monopolievorming van grote leveranciers, anderzijds zitten ze als ondernemer het liefst zelf aan de knoppen. Het ideaal zou zijn: met een eigen installatie kooldioxide uit de buitenlucht vangen. Maar ja, dat is vooralsnog enorm duur.
“Een andere denkrichting is houtstook en winning van CO2 uit de rookgassen. Het samenwerkingsverband Duurzame Energie Sirjansland heeft die weg gekozen. Dat is interessant, maar dat zal lang niet voor elke teler of elk gebied een oplossing zijn”, vertelt Medema.

Samenvatting

Zonder gegarandeerde CO2-voorziening wordt de glastuinbouw nooit ‘fossielvrij’. Het verbruik zou wellicht wat terug kunnen, maar er blijft veel nodig. Naast behoud van bestaande bronnen is winning uit afval/biomassa de meest perspectiefvolle optie. Ook winning uit de buitenlucht en lokale biogasinstallaties zijn interessante opties. Telers geven vaak aan dat ze de zaak zelf in de hand willen houden.

Tekst: Tijs Kierkels.
Beeld: Julia Dunlop en Wilma Slegers.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd