Voor telers die vooruit kijken

‘Het liefst kijk ik vooruit, maar deze keer gaf terugkijken mij inzicht’

Orchideeënteler Maurice van der Hoorn verlaagde footprint
125 0
‘Het liefst kijk ik vooruit, maar deze keer gaf terugkijken mij inzicht’

Befaamd is de kas zonder gas van 15.000 m2, die Maurice van der Hoorn tien jaar geleden bouwde. Toch vond de orchideeënteler dat deze duurzame manier van telen niet voldoende zichtbaar was voor klanten. Daarom koos hij ervoor zijn footprint te laten berekenen. Voor de ondernemer was het vervolgens een uitdaging om de goede score van 24,7 nóg verder te verbeteren. En dat lukte.

Hij was zijn tijd ver vooruit, deze teler uit Ter Aar. Terwijl landelijke media nu volop schrijven over woningen zonder gasaansluiting, vond hij het in 2006 al de hoogste tijd om dat in zijn kas toe te passen. “Wat mij toen dreef, was eigenlijk het simpele ervan. Voor de phalaenopsisteelt heb je kou nodig in de zomer en warmte in de winter. Het klinkt logisch om die twee dingen te combineren. Dat kan gewoon met bestaande technieken, zonder WKK. Het bedrijf draait alleen maar op elektra.”
Vakblad Onder Glas schreef er verschillende keren over. De techniek bestaat uit twee aquifers, een warmte- en een koude-opslag op 95 meter diepte, een warmtepomp, een convector voor zowel verwarming als koeling en ventilatoren onder de rolcontainers die de warmte of koude verspreiden. Door de jaren heen heeft hij het systeem verder geperfectioneerd.
“Ik dacht in het begin dat ik warmte over zou houden, maar ik had juist een koudeoverschot. De juiste balans vinden is belangrijk. Daarom heb ik in 2009 een elektrische boiler van 1.200 kW geplaatst, die ik naast of in plaats van de warmtepomp kan gebruiken. Voor alle installaties maak ik gebruik van groene stroom.”

Transparant maken

Mooi, zo’n duurzame kas. Toch vond Van der Hoorn dat hij deze onvoldoende tot waarde kon brengen in zijn label Amore Mio Orchids, de naam waaronder hij zijn phalaenopsis verkoopt. “Ik teel op een unieke manier. Het is lastig om dit bij mijn klanten onder de aandacht te brengen. Het verhaal gaat eigenlijk nooit verder dan de exporteur. Zo komt het niet bij de groep die beslist over inkoop. Genoeg consumenten hechten wel extra waarde aan een duurzame productie.”
Uiteindelijk kwam hij met Benefits of Nature (BON, zie kader) in aanraking. Eén van de doelen van deze stichting is duurzaamheid in de sierteelt transparant maken. Dat doet BON door de footprint van bedrijven te berekenen. Die score maakt de impact van het bedrijf op het milieu inzichtelijk. Dat gaat bijvoorbeeld om CO2-uitstoot, maar ook toxische of meststoffen in lozingwater. Maar liefst 33 verschillende factoren neemt het daarin mee. Deze tellen samen op tot een score, die de totale milieu-impact van alle processen en producten weergeeft.

Streven naar 0

Bij de berekening van deze footprint of Milieu Kosten Indicator (MKI) kwam het bedrijf van Van der Hoorn uit op de score van 24,7 eurocenten milieubelasting per plant. Om een idee te geven van de schaal: bij 100 kan de milieu-impact groot zijn, bij 0 heeft het bedrijf geen enkele negatieve invloed op het milieu. Het ultieme streven is de nulwaarde. Het mooie is dat deze methode te vergelijken is met die van andere bedrijven, in welke bedrijfstak dan ook. “Ik hoop dat meer bedrijven in onze sector dit laten berekenen, zodat de bekendheid toeneemt”, vertelt de orchideeënteler.
De footprint bepalen was een eerste stap, maar zeker niet de laatste. Gedreven als de teler is, streeft hij er namelijk naar de score verder naar beneden te brengen. Via BON kwam hij in contact met AgroEnergy. Als energiepartner voor de glastuinbouw is zij een van de founding fathers van de stichting. “Zoals de naam zegt, richten wij ons op energie, een onderdeel van de footprint. Maar wel een belangrijke component, ” vertelt energiespecialist Robert Meijer van dit bedrijf.

Maximaal warmtepomp inzetten

Energiespecialist en teler gingen samen om tafel. Het doel? Een energiereductieplan, dat inzicht gaf in het energieverbruik en de besparingsmogelijkheden. De adviseur startte met een analyse van het elektriciteitsverbruik van de afgelopen vijf jaren. Zo’n data-analyse komt neer op het combineren van data in Excel. Daaruit kwam een overzicht van de energiebehoefte tijdens het jaar naar voren.
Het overzicht vertaalde de adviseur in een jaarstrategie, die het mogelijk maakt om de warmtepomp vaker in te zetten. De grootste milieuwinst is namelijk te halen uit de maximale inzet daarvan en de minimale inzet van de boiler. Van der Hoorn: “Logisch, want verwarming via de warmtepomp heeft een rendement van 1 op 5. Dat komt doordat ik dan warmte uit de ondergrondse aquifer gebruik. Gratis warmte die ik in de zomer heb opgeslagen. De boiler heeft maar een rendement van 1 op 1.”

Inkoop afstemmen

Dat leverde niet alleen milieuwinst, maar ook een kostenbesparing op. Die werd nog groter door de inkoop van elektriciteit automatisch elk uur af te stemmen op de prijs op de onbalansmarkt. “Daar zijn geen grote ingrepen voor nodig, maar een ‘vinkje’ op de juiste plek in de computer”, legt Meijer uit. Nu schakelt de teler de installaties in op de voordelige momenten én als de inzet klopt met de jaarstrategie van warmte en koude.
Wat het de ondernemer opleverde? In 2016 had hij een 20% lager elektriciteitsverbruik dan in 2015. Dat leverde een besparing op van € 3,80 per vierkante meter. De aanpak zorgde bovendien voor 16% verbetering van de footprint: van 24,7 naar 20,7.
Van der Hoorn: “De scan keek bijvoorbeeld ook naar de mogelijkheid van zonnepanelen, maar dat is niet interessant voor mij omdat ik te weinig oppervlak kan benutten. Ook op uren belichting heb ik iets bespaard zonder concessies te doen aan de kwaliteit. Ik zie dit plan als een nulmeting. Door jaarlijks het verbruik te checken, blijft duurzame verbetering mogelijk. Ik kijk het liefst vooruit, maar deze keer was terugkijken heel nuttig.”


Benefits of Nature groeit

Henri Potze is een van de grondleggers van Benefits of Nature. Bijna 150 bedrijven uit de sierteelt – telers, toeleveranciers, techniek, dienstverlening – zijn inmiddels bij deze non-profit-stichting aangesloten.

“Dat aantal groeit nog steeds. Leden dragen afhankelijk van hun omzet een bedrag tot duizend euro bij, founding fathers daarnaast een eenmalige bijdrage. Zo houden we het laagdrempelig. Onze stichting berekent en verbetert de footprint van bedrijven. Dat is goed voor het milieu én bespaart ondernemers geld. Langzaam beginnen wij bekender te worden. Ook richting de retail. Daarbij helpt onze nieuwe governancestructuur met een bestuur. Die bevestigt onze onafhankelijkheid.”
Met de footprint kan elke schakel in de keten zijn milieubelasting laten berekenen. Dat gebeurt met een tool van Ecochain voor een levenscyclusanalyse (LCA). “Voor elk bedrijf is een berekening mogelijk: van veredelaar tot en met de retail. Maar ook voor de leverancier van potten of potgronden. Tot nu toe hebben we 150 berekeningen gemaakt. Die zijn nu nog statisch, maar dat gaat veranderen. Zo zijn we nu bezig met realtime meting, waarbij de footprint automatisch wordt berekend op basis van de gegevens uit de klimaatcomputer.”


Samenvatting

Orchideeënteler Maurice van der Hoorn liet zijn elektraverbruik van de afgelopen jaren analyseren, omdat hij zijn footprint verder wilde verbeteren. De analyse werd vertaald naar een jaarstrategie. De inzet was om zijn warmtepomp, die energetisch veel gunstiger is dan de boiler, optimaal in te zetten. Met de juiste tools kon hij daarnaast elektra goedkoper inkopen. Dat samen leverde een kostenbesparing van 20% en een footprintverbetering van 16% op.

Tekst: Karin van Hoogstraten. Foto’s: Studio G.J. Vlekke.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd