Voor telers die vooruit kijken

Natuurlijke afweerstoffen siergewas inzetbaar als gewasbescherming

Doorontwikkeling van proefkas tot echt middel
42 0
Natuurlijke afweerstoffen siergewas inzetbaar als gewasbescherming

Planten beschermen zichzelf van nature met allerlei afweerstoffen. Sommige daarvan zijn te winnen en op te werken tot groene gewasbeschermingsmiddelen. Verschillende flavonoïden bieden perspectief omdat ze trips en/of meeldauw doden. In een proefkas werken ze. De volgende stap is doorontwikkeling tot een echt middel.

Het idee voor gewasbeschermingsmiddelen uit siergewassen komt oorspronkelijk van Kenniscentrum Plantenstoffen. Royal FloraHolland zag het belang hiervan in. De veiling kent namelijk grote groene reststromen waar eigenlijk nog allerlei nuttige stoffen in zitten. Wellicht is het mogelijk de gewassen specifiek voor die stoffen te telen, of als dubbel-doel gewas: zowel voor de sierwaarde als de inhoudsstoffen.
Dat was het startpunt van het Topsector PPS-project ‘Sierteelt in de biobased economy’, dat in 2016 is afgesloten. Er zijn zo’n twintig gewassen bekeken, waarbij stoffen uit wortels, bollen, stengels, bladeren en bloemen zijn geëxtraheerd en getest op hun werking tegen trips, bladluis, meeldauw, Botrytis en spint. De resultaten waren verrassend.

Screening efficiënter

“Er waren behoorlijke effecten: bestrijding van 50 tot 75%. Het hoogste percentage ligt in lijn met chemische bestrijding. Daar haal je 80-90%”, vertelt Marieke van der Staaij van Wageningen University & Research, business unit Glastuinbouw. Zij is verantwoordelijk voor ontwikkeling van de testmethodiek en de testen zelf.
Alle reden dus om bij zulke resultaten verder te gaan. In een nieuw publiek-privaat project, dat momenteel loopt, werken de volgende partijen samen: Royal FloraHolland, zeven telers van siergewassen, WUR en Kenniscentrum Plantenstoffen. Artemis, de belangenvereniging voor biologische gewasbescherming, adviseert en hulpstoffenfabrikant Surfaplus werkt mee bij de formulering van de middelen. Topsector Tuinbouw & Uitgangsmaterialen en Rabobank Westland financieren mee.
“Een conclusie van de eerste PPS was dat de screening veel efficiënter moet; anders loopt het daarop al spaak”, geeft teamleider Eric Poot aan. In het huidige onderzoek is de screening ingeperkt tot trips en meeldauw.

Extractiemethode

Van der Staaij heeft bovendien erg veel tijd gestoken in het vinden van de juiste concentraties van de middelen, het beste testsysteem voor de bespuiting enzovoort. Het is bijvoorbeeld een enorm gedoe om de trips binnen de perken te houden. Ze ontsnappen uit alles waar maar een miniem gaatje in zit. “Nu gebruiken we heel kleine kooitjes van plastic met een gaasdeksel, waar ze echt niet uit kunnen. Ze krijgen een druppel vloeistof met werkzame stof. Eerst gebruikten we concentraties zoals bij chemische middelen, maar dat gaf geen goed beeld. Het heeft een hele tijd gekost om tot de juiste dosering te komen”, vertelt ze. Ook moest het effect van de werkzame stof worden gescheiden van het effect van de alcohol, dat als extractiemiddel is gebruikt. Overigens is er ook nog een zoektocht naar een goedkopere extractiemethode.
Het is dus helemaal niet simpel om zomaar stoffen uit siergewassen te testen. Uit het eerste PPS-onderzoek bleven zeven gewassen als perspectiefvol over, waaronder freesia, lelie, laurier, hedera en potchrysant. “Ongeveer de helft van de gevonden extracten kan worden ingezet tegen trips, de andere helft tegen meeldauw”, geeft Poot aan.

Cocktaileffect

Diverse andere WUR-onderdelen zijn ingeschakeld om de werkzame stoffen op te sporen en ze te fractioneren, dat wil zeggen uit elkaar halen. De verschillende fracties worden getest op hun effectiviteit. “Het blijkt dat de fracties vaak niet de effectiviteit halen van het hele extract. Dat wijst erop dat het gewasbeschermingseffect het gevolg is van een cocktail van stoffen. Voor de betrokken telers is dat een gunstig gegeven”, vertelt hij.
Als er namelijk een eenduidig effect toe te schrijven is aan één molecuul, dan is dat waarschijnlijk synthetisch na te maken, of wellicht met behulp van gisten. Dat is veel goedkoper dan uit planten en dan hebben de producerende telers er dus niets meer aan. “We hebben het oog daarom gericht op stoffen die wel goed werken, maar niet gemakkelijk na te maken zijn en dus liefst een cocktaileffect”, zegt Poot.
Na de test in de kooitjes met trips wordt ook nog de effectiviteit getest als de insecten op planten zitten. Bij meeldauw kan – vanwege het ontbreken van ontsnappingsgevaar – meteen op planten worden getest.

Economisch perspectief

Momenteel zijn er drie werkzame stoffen in beeld. Deze zijn op de chemische markt ook als zuivere stof te koop, maar zo extreem duur dat ze in deze vorm als gewasbeschermingsmiddel niet interessant zijn. Dit gegeven is eveneens gunstig voor de betrokken telers.
Het gehalte aan inhoudsstoffen hangt af van de teeltomstandigheden en is dus door de telers te sturen. De onderzoekers hebben daarom in het Innovatie- en Demonstratiecentrum LED verschillende soorten LED-belichting uitgetest. “Het ging om vier behandelingen: standaard rood/blauw/verrood, extra blauw, extra UV en rood/blauw zonder verrood. Het effect verschilde per gewas. Extra UV gaf bij hedera bijvoorbeeld meer flavonoïden, maar ging wel ten koste van de groei. Bij elk gewas moet je een match vinden tussen groei en gehaltes aan inhoudsstoffen. Dit vergt nog verder onderzoek zodra je weet of de gevonden stoffen inderdaad voldoen en ook economisch perspectief bieden”, vertelt Poot.

Toelatingsprocedure

De telers zijn begin december uitgebreid op de hoogte gesteld en geloven er volgens Poot in. “Ook voor Artemis werkte de vondst van de werkzame stoffen overtuigend. Trips is een enorm probleem, dus elke bijdrage aan een oplossing is welkom. Bestrijding van trips met de gevonden stoffen is nu nog duurder dan chemische aanpak, maar die kunnen maar beperkt worden ingezet en er zullen in de toekomst nog meer middelen verdwijnen; dan verandert de verhouding. Bovendien werken we zoals gezegd aan grotere efficiëntie: de extractie kan goedkoper en met teeltmaatregelen en veredeling zijn de gehaltes wel omhoog te brengen.”
In april valt de beslissing of stoffen uit sierteeltgewassen zodanig perspectief bieden dat ze kunnen worden doorontwikkeld tot echte gewasbeschermingsmiddelen. Cruciaal daarbij is of een fabrikant te interesseren is als mede-ontwikkelaar. “We volgen nu het spoor met een speciale teelt voor de inhoudsstoffen, maar het is nog steeds ook een optie om stoffen uit groene reststromen te halen. Dan krijg je een andere business case. Die wordt tevens beïnvloed door de toelatingsprocedure. We hopen dat deze middelen low risk middelen zijn, waarvoor gepoogd wordt vereenvoudigde toelatingsprocedures te krijgen. Dan moet je wel weten dat de stoffen niet toxisch zijn voor mens en milieu.”

Samenvatting

Natuurlijke afweerstoffen uit siergewassen zijn te extraheren en in te zetten als gewasbeschermingsmiddel. Dat blijkt uit onderzoek in Bleiswijk, waarbij ook telers zijn betrokken. Momenteel zijn er drie werkzame stoffen in beeld. Deze zijn op de chemische markt ook als zuivere stof te koop, maar in deze vorm extreem duur als gewasbeschermingsmiddel. Dat gegeven is gunstig voor de betrokken telers. In april volgt de beslissing of er voldoende perspectief in zit.

Tekst: Tijs Kierkels. Foto’s: Wilma Slegers.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd