Voor telers die vooruit kijken

Onderzoek met biostimulatoren moet leiden tot gezondere tomaten

Op alle fronten meer inhoudsstoffen
57 0
Onderzoek met biostimulatoren moet leiden tot gezondere tomaten

Potplantentelers produceren op bestelling. Groentetelers maken hun producten en kijken dan wat de klant ervoor over heeft. Waarom niet extra waarde creëren, zoals gezonder of meer duurzaam geteeld en dit gebruiken als ‘unique selling point’, waarmee telers zich kunnen onderscheiden? Peter Klein beproeft dit op kleine schaal met tomatenplanten in een proefkas in Naaldwijk.

Klein houdt zich met zijn bedrijf Biota Nutrients bezig met de verkoop, productie en ontwikkeling van vloeibare organische meststoffen en biostimulanten. Daarachter schuilt een idealistisch doel: het wereldwijd bereikbaar maken van gezond en biologisch voedsel met extra voedingswaarde door gebruik te maken van organische meststoffen uit afvalstromen. Deze circulaire gedachte gaat ook steeds meer leven bij de afnemers.

Wat betreft Klein is dit een plan in twee fases. “Eerst willen we kijken of we met biostimulanten de smaak, houdbaarheid en het gehalte aan inhoudsstoffen kunnen verbeteren. Denk bij inhoudsstoffen aan onder andere lycopeen en antioxidanten. De vervolgstap wordt organisch telen met meststoffen gemaakt van reststromen.” Hij heeft in eerste instantie voor de tomaat als proefgewas gekozen omdat dit voor de glastuinbouw het grootste gewas is.

Een eerste proef

Klein vroeg kennisvouchers aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) om te zien of het überhaupt mogelijk is om de inhoudsstoffen, smaak en houdbaarheid te verhogen met een mengsel aan biostimulanten. Hij liet daarvoor van januari tot augustus 2018 een proef uitvoeren bij World Horti Center in een afdeling van 85 m2, uitgerust met twee waterunits. De afdeling staat vol met honderd tomatenplanten van het ras Brioso, waarvan de helft een standaard voedingsoplossing toegediend kreeg en de andere helft kreeg behalve deze standaard oplossing ook een mengsel mee van biostimulanten en micro-organismen.

Teeltmanager Ary de Jong van Demokwekerij Westland verzorgde de teelt. Onderzoeksmanager Jeroen Sanders beoordeelde de plantmetingen en Inno-Agro zorgde voor het projectmanagement. “We laten het gewas groeien zoals een teler dit ook zou doen. En als er advies van een teler nodig is, hebben we er snel een gevonden”, legt De Jong uit. “Voor ons was het een regulier teeltonderzoek. Er is vooral veel labwerk aan.” Tijdens het onderzoek hield hij de productie en standaard planttellingen bij (kopdikte, bladlengte, bloei en zetting).

“Bij Prominent hebben de oogstbare tomaten meegedaan aan de bewaarproeven, waarbij ook naar de smaak is gekeken. Bij Wageningen University & Research hebben we twee keer een smaaktest laten uitvoeren en er zijn tweemaal inhoudsstoffen gemeten door een onafhankelijk laboratorium in Madrid”, voegt Klein toe.

Voedingsoplossing met extra’s

Hij werkt op diverse fronten samen met kennisinstellingen en bedrijven om aan die juiste ingrediënten voor zijn mengsel te komen. Er zit onder andere een bacteriepreparaat in dat hij vorig jaar uit het wortelmilieu van tomatenplanten isoleerde in samenwerking met het Spaanse biotechnologiebedrijf Kimitec. Samen met dit bedrijf en de universiteit van Sevilla ontwikkelde hij een gefermenteerd plantenextract. “Dit plantenextract verbetert de kleurintensiteit van de vrucht en verhoogt het lycopeengehalte in tomaat.”

Klein voegt verder huminezuur toe dat zorgt voor een betere beschikbaarheid van de mineralen en calcium in organische vorm. Een oplossing van aminozuren afkomstig van plantenresten, bijvoorbeeld soja, zorgt voor de verlaging van stress. “In de Nederlandse tuinbouw zijn de teeltomstandigheden optimaal, behalve deze zomer. De aminozuren laten nauwelijks een verschil zien. In landen waar de teeltomstandigheden minder optimaal zijn en bijvoorbeeld de temperatuur in de kop van de plant op kan lopen tot 40°C, zien we tot 20% meerproductie.”

Meerwaarde zonder productieverlies

De resultaten vielen Klein niet tegen. “De productie bij de tomaten met het toegevoegde mengsel aan biostimulanten lag in het begin ruim 8% hoger. Later ging de productie van de beide voedingsoplossingen meer gelijk lopen. We kunnen niets zeggen over het verloop tot het einde van de teelt, omdat we in augustus zijn gestopt. De brixwaarde, smaak en houdbaarheid lagen ongeveer gelijk. Wel vond het Spaanse lab op alle fronten meer inhoudsstoffen, zoals lycopeen, bèta-caroteen, eiwitten, mineralen en droge stof.”

De Jong is positief. “Het verbeteren van een eigenschap gaat vaak ten koste van productie. Dat geldt bijvoorbeeld voor geur bij roos en smaak bij honingtomaatjes. In deze proef ging het extra gehalte aan lycopeen niet ten koste van de productie of de kwaliteit.” Het komende seizoen wil Klein het mengsel van biostimulanten in de praktijk gaan testen. Het liefst bij meerdere telers.

Vervolgstap is organisch

Voor Klein vormen de biostimulanten een eerste stap. “We werkten in deze proef nog met traditionele chemische meststoffen. De toevoeging vormde als het ware een tussenstap naar telen op 100% organische meststoffen. Organisch telen is een ander verhaal. Het heeft zoveel impact op de bedrijfsvoering dat een teler die overstap niet in een keer gaat doen. We willen daarom een systeem neerzetten dat gelijkwaardig is.”

Telen met organische meststoffen vraagt om een andere aanpak. De pH en de planten reageren anders. “We willen eerst een concept er omheen bouwen met een duidelijke teelthandeling, zodat telers weten hoe ze ermee om moeten gaan. We denken dat het over tien jaar zo ver is dat iedere tomaat wordt geteeld met organische meststoffen die afkomstig zijn van reststromen zonder dat dit kwaliteitsverlies oplevert. Hoe dit uiteindelijk meerwaarde oplevert, is een marketingtechnisch verhaal. Denk aan duurzaam en gezondheid.”

Hij heeft subsidie aangevraagd voor een nieuwe proef in samenwerking met Demokwekerij Westland. Deze keer met organische meststoffen in komkommer. “We willen het hele meststoffenpakket vervangen door organische meststoffen. Het doel is om de komkommers te telen met een gelijkblijvende productie. Ik verwacht dat het twee tot drie jaar zal duren voordat we hier informatie over kunnen delen.”

Samenvatting

Door vruchtgroenten zoals tomaat extra waarde mee te geven in de vorm van een betere smaak, houdbaarheid, extra inhoudsstoffen of organische teelt, kunnen telers ‘unique selling points’ creëren. Het afgelopen seizoen is een proef uitgevoerd om te laten zien dat het mogelijk is om een tomaat met een hoger lycopeengehalte te telen zonder kwaliteits- of productieverlies. Simpelweg door de toevoeging van een mengsel van biostimulanten en micro-organismen. Vervolgstap is telen met organische meststoffen afkomstig uit afvalstromen.

Tekst en beeld: Marleen Arkesteijn.

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd